Veel woningcorporaties weten hoe belangrijk goede data zijn, maar worstelen in de praktijk met het op orde houden ervan. Capaciteitsgebrek, hoge werkdruk en het voortdurend moeten kiezen voor wat nú urgent is, zorgen ervoor dat databeheer vaak naar de achtergrond verdwijnt. In gesprek met CorporatieGids Magazine laat Giedo Lankhorst, oprichter van GROVER underdogs, zien waarom rommelig databeheer organisaties juist vertraagt, welke risico’s dat met zich meebrengt en waarom technologie alleen geen oplossing is: “Databeheer wordt vaak gedaan voor later, maar wanneer is later?”

Hoe komt het dat veel corporaties worstelen met het op orde houden van hun data?

Als we kijken naar onze samenwerkingen met woningcorporaties, weten we dat corporaties het belang van databeheer echt wel inzien. De reden dat zij worstelen is het gebrek aan capaciteit. Neem Zeeuwland. Daar had de I&A-medewerker projectdocumentatie hoog op de agenda staan. Maar zij was afhankelijk van haar collega van de afdeling nieuwbouw. En die collega was bezig met wat hij moest doen: nieuwe woningen realiseren. Doordat het nieuwbouwteam klein is, blijft het archiveren van afgeronde projecten liggen. Binnen deze werkuren is geen ruimte voor het archiveringswerk, want het volgende nieuwbouwproject start alweer op.

Hoe sijpelt het arbeidstekort daarbij door in de dagelijkse bedrijfsvoering van corporaties

Wanneer je meer werk hebt dan werkuren, zul je scherper moeten prioriteren. Het is niet gek dat je dan kiest voor taken die op korte termijn resultaat opleveren, of direct problemen geven als je ze laat liggen. Het opruimen van data levert vaak weinig directe meerwaarde op. Dat maakt het moeilijk om dit prioriteit te geven. Je doet het vooral voor later. Maar wanneer is later? Of je doet het voor collega’s van een andere afdeling. Omdat je er zelf niet meteen profijt van hebt, krijgen andere werkzaamheden al gauw een hogere prioriteit. Ik kan niet vaak genoeg zeggen hoeveel impact rommelig databeheer heeft. Het maakt jouw toch al drukke werkdag alleen maar drukker.

Wanneer data niet op orde zijn, lopen corporaties kansen mis. Maar wat is er wél mogelijk als de basis op orde is?

Verkeerde, verouderde of onvindbare data maken het onmogelijk om gedegen keuzes te maken. Je hebt volledige en betrouwbare data nodig. Het werkt voor alle afdelingen prettiger als je weet dat je op de data kunt vertrouwen. We zien dat sommige corporaties daarom op zoek gaan naar een makkelijke oplossing; ‘met een nieuw, beter systeem wordt onze data beter’. Maar dat is niet wat er in de praktijk gebeurt. Voor de kwaliteit blijf je zelf verantwoordelijk. Als je rommel in een mooi systeem stopt, komt er ook rommel uit.

Jullie stellen dat een deel van het arbeidstekort kan worden opgevangen door onbenut talent: kun je dat verder toelichten?

De arbeidsmarkt is krap. Zeker binnen ICT-gerelateerde functies. Door talent centraal te stellen, kun je een groot deel van de werkzaamheden uit de openstaande vacature invullen. Want tussen de 800.000 en 1 miljoen neurodivergente mensen zitten thuis of werken onder hun niveau omdat hun brein anders werkt. Denk aan mensen met autisme, ADHD of hoogbegaafdheid. Juist daardoor hebben ze andere talenten: scherpe focus, oog voor detail, verbanden zien en een hoog doorzettingsvermogen. Zeker wanneer je iemand zoekt voor dataverwerking, heel handige talenten.

Hoe helpt GROVER underdogs woningcorporaties op dit gebied?

Werkgevers vinden het vaak spannend om neurodivergente collega’s aan te nemen. Er zijn veel vooroordelen die zorgen voor hoge drempels, zoals het idee dat deze talenten veel meer begeleiding nodig hebben en dat ze liever thuis werken dan dat ze naar de vrijmibo komen.

Wij willen laten zien dat die drempels gebaseerd zijn op aannames. Werkgevers zien neurodivergente collega’s als spannend, omdat het vaak onbekend terrein is. Terwijl zij juist de talenten hebben om bijvoorbeeld die nieuwbouwprojecten tijdig te archiveren. Dat laten wij zien door neurodivergente collega’s aan te nemen. We zorgen bijvoorbeeld voor begeleiding en afgestemde uren wanneer nodig, en zetten hun talent in voor dataopdrachten bij verschillende corporaties zoals Woonkwartier. Zelf hadden ze geen capaciteit om hun database op privacygevoelige informatie door te lopen voordat ze overgingen naar hun nieuwe systeem. I&A wilde alleen met een schone database over. Onze collega’s zetten hun focus en gedrevenheid in om duizenden documenten te scannen en te inventariseren. We brachten de twee miljoen documenten terug naar 1.500 te verwijderen bestanden.

Vanuit jouw perspectief: wat zouden corporaties vandaag al kunnen doen om hun datahuishouding te verbeteren?

Ik denk dat corporaties een goede stap zetten als ze hun hele team bewust maken van datakwaliteit. Als iedere collega zijn of haar dataverantwoordelijkheid neemt, werkt dat lekkerder voor iedereen. Voor jezelf en je collega’s, ook van een andere afdeling. Data worden vaak door de ene afdeling gecreëerd, door de volgende gebruikt en weer door een andere geüpdatet. Data is van de hele organisatie. Het moet vindbaar, betrouwbaar en accuraat zijn, anders verliest het zijn waarde.

Hoe zie je de toekomst van woningcorporaties als het gaat om datagedreven werken én inclusief werkgeverschap?

Ik zie een corporatie waar datagedreven werken wordt gefaciliteerd door het juiste talent. Een organisatie die de talenten van haar medewerkers op de juiste manier en plek inzet, bouwt aan haar datakwaliteit voor nu en de lange termijn. Investeer daarvoor in mensen die databeheer niet als vervelende administratie zien, maar als essentieel onderdeel van goed werk. Geef hen de ruimte om dat op hun eigen manier te doen. Ik denk dat dat mooi aansluit bij het sociale doel van een woningcorporatie: mensen een fijn thuis bieden. Met deze kijk naar talent doe je meer: je biedt werknemers ook een fijne baan.

Bron: CorporatieGids Magazine, Foto: Theo Scholten